LOKAAL BELANG

Uw plaatselijke partij in Hoevelaken, Nijkerk en Nijkerkerveen

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte

Geschiedenis eierhal

PDF

Bron: industrieel erfgoed.nl

EIERHAL TE NIJKERK.

Veel plaatsen in Nederland kenden vroeger een eiermarkt, zoals Barneveld, Oisterwijk en Hollandsche Veld. Ook in Nijkerk had de eierhandel aan het begin van de twintigste eeuw zo'n grote omvang gekregen, dat het gemeentebestuur op 31 oktober 1912 besloot een markthal voor eieren, genaamd 'de eierhal'' te bouwen op een terrein bij de Oostermolen. Dat de handel in eieren een grote omvang had bereikt, blijkt uit marktgegevens uit 1922 waarin melding wordt gemaakt van een jaarlijkse aanvoer van 5 a 6 miljoen eieren in Nijkerk!

De nieuwe eierhal was echter geen lang leven beschoren, want in de nacht van 6 op 7 oktober 1919 brandde de hal geheel af, evenals de naastgelegen windkorenmolen ''de Oostermolen''. Het zou nog tot 1927 duren, voor er een opvolger voor de afgebrande eierhal kwam. In 1922 maakte het architectenbureau ''Ir. Meischke en Van Dorth"' uit Amersfoort een herbouwplan voor de eierhal. De nieuwe hal zou worden gebouwd op een locatie tussen het restant van de Oostermolen en de Vetkampstraat. Aangezien de bewoners van de nabijgelegen nieuwbouwhuizen aan het van Reenenpark protesteerden tegen de nieuwbouwplannen voor de eierhal, duurde het nog jaren voor er een nieuw plan voor de nieuwe eierhal kon worden gemaakt.

Uiteindelijk werd in 1927 de opdracht voor de nieuwe hal gegund aan de gemeenteopzichter van Nijkerk, dhr. E. van Rootselaar. Deze ontwierp de hal in een stijl die verwantschap vertoont met de Amsterdamse Schoolstijl. De bouwkosten bedroegen fl. 23.480. =.

Het gebouw bestaat uit een rechthoekige centrale hal, met een hoog schilddak. De centrale hal wordt aan weerszijden ingebouwd door aangebouwde, lage pakhuizen, die door de verschillende eierhandelaren konden worden gebruikt om de verkochte eieren te verpakken.

De Nijkerkse eierhal is tot in de jaren zeventig van de vorige eeuw voor zijn oorspronkelijke doel in gebruik geweest, daarna werd de eierhal verbouwd tot supermarkt. De aangebouwde eierpakhuizen werden tot afzonderlijke winkelunits verbouwd, een operatie die het oorspronkelijke gebouw aantastte.

Het aanbrengen van verlaagde plafonds in de centrale hal heeft het zicht op de fraaie houten kapconstructie aan het oog onttrokken. De eierhal wordt nog slechts voor opslag gebruikt.

Inmiddels heeft de gemeente Nijkerk plannen om de eierhal met de naastgelegen molenromp te slopen om op dezelfde locatie een groot nieuw winkelcentrum te bouwen.

De Stichting Stadsgezicht Nijkerk, opgericht begin 2000 heeft voor zowel de eierhal als de molenstomp een aanvraag ingediend bij de rijksdienst voor Monumentenzorg om de gebouwen te beschermen. Als reactie op de protesten tegen sloop vanuit de bevolking heeft de gemeente besloten vooralsnog een onafhankelijk cultuurhistorisch onderzoek te laten instellen naar de waarde van de eierhal en de molenstomp. Volgens een voorlopig onderzoek van de Rijksdienst voor Monumentenzorg is de eierhal van bijzonder cultuurhistorisch belang, aangezien de Nijkerkse eierhal een van de laatste nog bestaande eierhallen in Nederland is.